De meeste mensen helpen graag. Ze vinden het prima om een handje uit te steken, iemand ergens heen te brengen, of een klusje voor een ander te doen. Maar om hulp vrágen? Dat is een andere zaak. Voor veel mensen voelt vragen om hulp kwetsbaar. Misschien word je er onzeker van of krijg je het gevoel dat je het eigenlijk zelf had moeten doen.
Fascinerend toch? Dat hulp geven prima is, maar hulp vragen vaak zo lastig? Brené Brown schrijft in De moed van imperfectie:
Als je geen hulp kunt vragen zonder oordeel, denk dan nog eens goed na of je wel kunt geven zonder oordeel.
Een quote om over na te denken…
Over hulp zijn dus allerlei gevoelens en gedachten te ervaren. Het helpt om je daar bewust van te zijn én daarop je gedrag af te stemmen. Zeker als leider speel je hierbij een cruciale rol. In deze blog lees je vijf redenen waarom je vaker om hulp moet vragen. En ook twee gevaren die tegen je kunnen werken bij het vragen om hulp. En een tip voor hoe je je vraag het beste vorm kunt geven.
Vaker om hulp vragen
Er zijn vijf redenen waarom je váker om hulp moet vragen.
1. Meer betrokkenheid
Als jij vraagt om hulp, dan betrek je de ander bij jouw werk. In plaats van zelf alles uit te zoeken, maak je er een gezamenlijke klus van. Betrokkenheid begint bij betrekken, en er is geen betere manier dan om een ander te vragen met je mee te denken of te werken. Soms aarzelen we bij het vragen om hulp, omdat we de ander niet tot last willen zijn. Maar wat we dan onbewust doen is de ander buitensluiten. Door hulp te vragen geef je de ander de kans om ertoe te doen, iets bij te dragen. En dat sluit aan bij de basisbehoeften van verbondenheid en competentie.
2. Positievere relaties
Onze innerlijke dialoog vertelt ons vaak dat hulp vragen betekent dat anderen ons als minder competent inschatten. ‘Misschien denken ze dat ik dit zelf zou moeten kunnen’. Maar mensen die om hulp vragen worden vaak gezien als opener, meer samenwerkingsgericht en vaak ook als competenter. Uit onderzoek van Brené Brown blijkt dat hulp vragen een belangrijke bijdrage levert aan vertrouwen van leidinggevenden in hun medewerkers. Deze mensen weten immers wat ze wél en niet zelf kunnen en schakelen iemand in als dat nodig is. Dat bouwt vertrouwen! Als je dus denkt dat hulp vragen betekent dat je zwakker overkomt, realiseer je dan dat je juist menselijker en toegankelijker wordt gezien.
3. Nieuwe perspectieven
Natuurlijk kun je ver komen als je geen hulp inschakelt. Maar je blijft ook in je eigen denkpatronen. En je ziet alleen de alternatieven die je zelf kunt bedenken. Met hulp van anderen voorkom je tunnelvisie en creëer je nieuwe perspectieven, waardoor je tunnelvisie kunt voorkomen. En dat leidt op termijn tot betere besluitvorming en soms zelfs tot minder herstelkosten.
4. Meer psychologische veiligheid
Als leider zet je de toon en beïnvloed je de cultuur in je team. Als jij gewend bent om hulp te vragen, laat je zien dat niet alles zeker hoeft te zijn, maar dat er ruimte is voor twijfel. En dat je als individu niet al het werk in je eentje hoeft op te lossen of te dragen. Daarmee normaliseer je kwetsbaarheid. Het is oké om niet alles te weten, het is normaal om blinde vlekken te hebben. Je maakt het tot norm dat je elkaar nodig hebt, dat je samen sterker bent. Dat verhoogt psychologische veiligheid in je team. Zo bezien is hulp vragen dus niet alleen individueel gedrag, maar een interventie om je cultuur te verstevigen.
5. Meer veerkracht
Mensen die alles zelf dragen hebben meer kans op uitputting en grotere mentale belasting. En juist in tijden dat er (te) veel werk is, of spanningen en onzekerheden spelen, is gezamenlijkheid cruciaal. Uit stress onderzoek weten we dat sociale steun één van de sterkste buffers bij stress is, die bovendien helpt bij herstel en veerkracht. Dat is goed om te weten voor jezelf, in jouw rol als leider, maar dus ook belangrijk om in je team te stimuleren. De belastbaarheid van je medewerkers wordt groter als men gewend is om elkaar te helpen en om hulp te vragen. Doe het dus veel en vaak, dan wordt het steeds normaler.
Twee gevaren
Maar hulp vragen gaat niet altijd goed. Er zijn twee gevaren waardoor hulp vragen juist tegen je kunnen werken.
- Als je hulp vraagt om je eigen verantwoordelijkheid te vermijden. Je vraagt: wat zouden jullie doen, zonder zelf positie in te nemen. Je houdt, zeg maar, alle opties open. In plaats van vertrouwen ontstaat er irritatie, onduidelijkheid en juist verlies van leiderschap. Hulp vragen betekent dus niet dat je je verantwoordelijkheid niet neemt of af geeft aan een ander.
- Als je hulpvraag vaag en onduidelijk is. Je zegt: kun je even meekijken, zonder specifiek te zijn. De ander moet dan zelf bedenken wat eigenlijk het probleem is en wat jij aan hulp denkt nodig te hebben. Zo’n vage vraag leidt tot lagere bereidheid om te helpen en kan er bovendien toe leiden dat de hulp niet aansluit op jouw verwachting.
Goede hulpvraag
Hoe stel je dan een goede hulpvraag?
- neem zelf eerst positie in: ik neig naar optie A, maar twijfel aan de haalbaarheid…
- wees specifiek: kun je met me meedenken over de acties die nodig zijn om A te bereiken…
- vraag niet te laat: wanneer heb je tijd om hier met mij over te sparren…
- laat zien wat het oplevert: dank je wel, dit helpt me verder, want geeft nieuw perspectief over de stappen die ik moet zetten
Door een hulpvraag zo vorm te geven krijg je inhoudelijk beter werk, onderlinge verbondenheid, respect en groter vertrouwen. En het maakt je werk nog leuker ook.





